
Oorlogsslachtoffers
Henri Flu
Geliefd huisarts en oorlogsslachtoffer.
Tijdens de Tweede Wereldoorlog gefusilleerd door de bezetter.

Henri Flu
Geliefd huisarts en oorlogsslachtoffer.
Tijdens de Tweede Wereldoorlog gefusilleerd door de bezetter.
Familie
Zoon van professor P.C. Flu (hoogleraar tropische ziekten) die in hetzelfde graf ligt (link)
Opleiding/Studie
Stedelijk Gymnasium in Leiden, geneeskunde aan de Leidse Universiteit.
Levensloop
In 1941 vestigde hij zich als huisarts in Oegstgeest. Later verhuisde hij naar de Lammenschansweg 11 in Leiden. Naast zijn praktijk als huisarts werkte hij ook als schoolarts en controlerend geneesheer. Hij genoot veel aanzien bij zijn patiënten.
Op 3 januari 1944 werd G.W. Diederix, directeur van het Gewestelijk Arbeidsbureau en fanatiek NSB’er neergeschoten door het verzet. De dag erna werden als vergelding 35 willekeurige Leidenaren opgepakt door de Sicherheitspolizei en overgebracht naar het Leidse politiebureau. Drie prominenten, waaronder Hans Flu werden nog diezelfde avond geliquideerd. Flu vond de dood op de kruising Rijksstraatweg en Endegeesterstraatweg te Oegstgeest. Hij werd zogenaamd ‘op de vlucht’ neergeschoten. De codenaam waaronder de Duitsers dergelijke represailles uitvoerden was Silbertanne.
Henri Flu is een officieel oorlogsslachtoffer. Dat betekent… uitleggen.
Samen in het graf met
In hetzelfde graf is begraven zijn vader begraven Prof. Dr. Paul Christiaan Flu (1884-1945) (link naar deze ook markante persoon)
“Gepasseerde nacht, bij stormweder, werd men hier verontrust door opvolgende kanonschoten. Het bleek ons, op den zeedijk komende, maar al te spoedig dat het noodschoten waren van een schip, dat zich in de richting van de Zuider Haaks bevond. Eenige ogenblikken daarna vertoonde zich aan ons oog een aller interessantst tooneel, een schitterend noodvuur werd op het schip ontstoken, waardoor schip en tuig – niettegenstaande de stikdonkere nacht en den verren afstand – geheel zigtbaar werden; zelfs de bewegingen op het dek kon men waarnemen. Duidelijk bleek het dat de toestand der opvarenden zeer hagchelijk was, daar het schip elk oogenblik uit elkander kon slaan, zonder dat bij deze hoogloopende zeeën eenige redding mogelijk was.”
Zo staat het in de Heldersche Courant van 20 december 1871. Het Nederlandse (houten) barkschip “Australië” (kapt. J.G. Lucas), 672 ton, geladen met koffie, suiker en … soldaten komende van Batavia, is bij de Haaksgronden in moeilijk- heden gekomen door hevige windvlagen en zware buien en aan de grond geraakt. Aanvankelijk raakte het schip weer los, sloeg al stotende over de Haaks heen en kwam toen weer vast te zitten. De bemanning en een deel van de passagiers had inmiddels kans gezien van boord te gaan. Dorus Rijkers en zijn maats hadden met hun eigen vlet in totaal 25 man gered. Het schip was reddeloos verloren. De Helderse zeeloods Cornelis Kruk werd gestraft met inhouding van het gehele aan- deel in het loodsgeld uit zee, wegens het aan de grond stoten van de “Australië”.